« Back to Glossary Index

Saturnus

Afstand tot de zon: 1.429.400.000 km

Diameter: 120.536 km (aan de equator)

Massa: 5,68 * 10^26 kg

In 1610 keek Gallileo Gallilei naar Saturnus en het viel hem op dat de planeet zo’n vreemde vorm had. De telescoop van Gallilei was niet sterk genoeg om de ringen van de planeet te kunnen onderscheiden, dus Gallilei begreep er niet veel van. In 1659 interpreteerde Christiaan Huygens de rare ‘uitsteeksels’ correct als ringen.

Sinds dit tijdperk hebben we veel dingen geleerd over de ringen van Saturnus. Zo weten we dat ze bestaan uit ontelbaar veel kleine deeltjes die het zonlicht weerkaatsen. De ringen zijn zeer groot, meer dan 250.000 kilometer in diameter, maar extreem dun (minder dan een kilometer!). Hoe de ringen ontstaan zijn is vermoedelijk doordat de restanten van één of meerdere manen uiteen zijn gevallen door de getijdenkracht.
Saturnus heeft de meeste manen van ons zonnestelsel, en het aantal ontdekte manen groeit nog steeds. Er zijn er minstens 290 ontdekt.

Wat verder opvalt aan Saturnus is dat de planeet enorm afgeplat is; van pool tot pool gemeten is de planeet 10% kleiner dan aan de equator gemeten! Dit wordt waarschijnlijk veroorzaakt door een combinatie van de lichte composite van Saturnus (de dichtheid van Saturnus is zo laag dat de planeet op water zou drijven!) en de snelle rotatie (een dag duurt slechts 10,6 uur).

 NASA’s Voyager-ruimtesondes hebben aan de evenaar winden gemeten met een snelheid van rond de 1700 km/uur!!